Nieuw.us | Woordenlijst: Deel II Het goede

Counter

Woordenlijst: Deel II Het goede
Wed. 20/05/15 — Lodewijk Den Breejen

Ethiek [blz. 60 tm. 95]

Ethiek is de leer van goed en kwaad. Ethos betekent de plek waar men zich thuis voelt. Ook gewoonte.

Moraal is het geheel van waarden [uitgangspunten] en normen [regels].

Prescriptief is voorschrijvend. Zoals institutionele determinatie: instellingen zoals het gezin, school en leger bepalen veel in je leven en leggen je bewegingsvrijheid aan banden.

Descriptief is beschrijvend.

Waarden zijn zaken waar je belang aan hecht en naar streeft. Denk aan rechtvaardigheid en eerlijkheid.

Instrumentele waarde is bij voorbeeld sporten om je gezondheid te bevorderen.

Intrinsieke waarde is bij voorbeeld genieten van de natuur of vriendschap vanwege de relatie zelf.

Egoïsme wil zeggen dat je eigen belang overeen komt met je handelingen/inzet. Het resultaat is dus in overeenstemming met je eigen belangen [blz.67].

Altruïsme: Je kunt iets doen om er zelf beter van te worden, bij voorbeeld in de economie van een land. Je kunt ook iets doen zonder berekening. Zonder eigen belang bij voorbeeld vluchtelingen opvangen in Nederland.

Geluk: het einddoel! Genieten is hiervan een groot onderdeel. Genieten kan liggen in innerlijke rust, seks, nadenken, inzichten krijgen of een goed gesprekvoeren. Het kan ook verslavend zijn, denk hierbij aan alcohol, drugs, gokken, eten, seks en internet.

Utilisme is de filosofische stroming die stelt dat een handeling moreel juist is wanneer zij bijdraagt aan het vergroten van het geluk van zoveel mogelijk mensen. Dat kan zover gaan dat we soms stellen dat het doel de middelen heiligt.

Culturele determinatie: nationaliteit, levensbeschouwing, traditie hebben grote invloed op ons functioneren.

Economische determinatie: het maakt wat uit waar je geboren bent! Europa; Afrika, Rusland, China of de Verenigde Staten van America. Denk hierbij aan grondstoffen, verdeling van rijkdom, scholings- en ontwikkelingskansen. Armoede tegenover de welvaartscultuur. Loondienst> consumentencultuur.

Relativisme constateert in de 1e plaats dat verschillende culturen verschillende opvattingen over waarden hebben en daar in de alledaagse praktijk ook anders vorm aan geven.

Instant bevrediging: beschikbaar en consumeerbaar. Geeft vaak lage bevrediging.
Complexiteit en genot: als je ergens moeite voor moet  doen geeft dit meer bevrediging.

Empathie: is een sterke emotie, het vereist dat je in staat bent de ander te doorgronden en vervolgens in de huid van die andere persoon te kruipen.

Reflexief verstand: de mens kan zichzelf beoordelen en is in die zin anders dan de dieren. Het gaat hier dus over abstract denken.

Mens als uniek wezen: de vraag is of het abstracte denken werkelijk het grote verschil is tussen mens en dier. Je kunt ook stellen dat het grote verschil schrijven en schetsen is. Het boek kiest voor het laatste.

Logisch empirisch bewustzijn: meer waardering voor het abstracte dan voor het concrete.

Logisch rationeel empirisch bewustzijn: wijst een relatie met het hogere of spirituele af. Knelpunt: de meerderheid van de mensen op aarde is religieus. Er zijn wel grote verschillen tussen landen en werelddelen.

Definitie van religiositeit: gelovend in een geestelijke bestaanswerkelijkheid van bovenmenselijke aard zoals het heilige, het spirituele of bovennatuurlijke.

Functies van religie:

1. Geeft mensen troost en kracht.
2. Het blijkt dat religieuze mensen vaak meer weerstand hebben en zich sterker verenigen tegen gemeenschappelijk kwaad.
3. Geeft ondanks moeilijke periodes zekerheid. Een basis.
4. Een vorm van zingeving en betekenisvolle verbindingen zien.  

Autonomie [blz.80] betekent letterlijk: zichzelf de wet stellen.  In tegenstelling tot heteronomie wanneer iets of iemand anders de wet stelt.

Plicht is iets wat je zou moeten doen. Dit is niet populair, we hebben het liever over onze rechten! Plichtsbesef heeft echter ook een mooie kant. Het helpt de ander en geeft daardoor de dader een goed gevoel. Meer nog je maakt echt verschil. Dit noemen we ook een deugd die betekenis krijgt binnen een gemeenschap [blz. 84]. Je kunt ook overdrijven dus ook hier geldt alles met mate is de beste invulling.

Vriendschap is de drijfveer van genegenheid voor de andere persoon om wie hij is.

Kwaad is ingebakken in onze samenleving. Denk aan oorlogen maar ook aan natuurrampen. Het zit in ons en in de natuur. Ook heel gewone mensen kunnen in bepaalde omstandigheden erge dingen doen, zoals pesten. De filosofe Hannah Arendt noemde dit de banaliteit van het kwaad.

Zingeving is moeilijk te definiëren omdat mensen hier verschillend over denken. Politiek en godsdienst geven hier bij voorbeeld handvatten voor. Denk bij dierenethiek [blz. 94] bij voorbeeld aan de politiek en aan milieugroepen.
Log in om een reactie te plaatsen.
Tue. 14/11/17 — Lodewijk Den Breejen
SE 2 november aanstaande: Deel II Het goede.
Tue. 31/05/16 — Lodewijk Den Breejen
Woordenlijst bij hoofdstuk 4, 5 en 6: Antropologie: juli 2016,
Inloggen

Gebruikersnaam:

Wachtwoord:


Registreren
Wachtwoord vergeten
Account activeren
Wie is er online
Er zijn op het moment 0 gebruikers online
Recente blogposts
Meer
Recente reacties